Algemene Bestuursdienst


De Mount Shastaroute bestaat uit 30 kandidaten:
Marianne Aalbersberg, Alfred Arbouw, Frank van den Broek, Atty Bruins, Ingrid Brummelman, Thieu Coffeng, Angeline van Dijk, Ellen van Doorne, Eric Eijkelberg, Reinier Eijsenring, René Fennes, Jeanne van der Graaf, Merel Heimens Visser, Caspar Hermans, Feite Hofman, Barbara Joziasse, Mo Kassrioui, Gerdine Keizer-Baldé, Freek Keppels, Esther de Kleuver, Frank Merk, Fer Nieuweboer, Gudrun van Oirschot, Paul Oomens, Henk Reinen, HP Schreinemachers, Meindert Smallenbroek, Edward Stigter, Yvonne Verzijden, Paula Wiegers.

Samenstelling van de groep
De lichting van 2008 is met 30 kandidaten opnieuw een grote groep. Er zijn 17 vrouwen en 23 mannen in deze jaargang. De gemiddelde leeftijd ligt rond de 43 jaar: de oudste kandidaten zijn bij aanvang van het programma 51, de jongste is 32 jaar. De werkvelden waar de kandidaten op dit moment werkzaam zijn, zijn gevarieerd en verdeeld over staf, beleid en uitvoering. Alle kandidaten hebben leidinggevende ervaring.


Zijn de ABD-Kandidaten van de Mount Shastaroute klaar voor de intensieve periode?
Wat verwachten de dertig aanstaande directeuren bij de rijksoverheid van het ABD-Kandidatenprogramma waarmee zij zojuist zijn gestart? We legden deze vraag voor aan vijf van hen, troffen in hun reactie veel overeenkomsten, maar ook zeer individuele wensen.

Gudrun van Oirschot, clustermanager P&O, VROM:
“Ik wil dit eigenlijk al heel lang en heb er dan ook al heel lang over nagedacht. En nu ben ik er helemaal klaar voor. Ik verwacht te komen tot meer inzicht in mijn managementstijl en waar mijn kracht zit. Bovendien denk ik een breder zicht te krijgen op de maatschappelijke vraagstukken rijksbreed. Tot slot hoop ik de komende twee jaar mijn netwerk aanzienlijk uit te kunnen breiden.”

Meindert Smallenbroek, sectiehoofd Inspectie der Rijksfinanciën, Financiën:
“Ik heb naar mijn mening een goede idee van wat er zoals speelt bij de rijksoverheid, maar ik weet hierdoor ook dat ik blinde vlekken heb. Ik verwacht de komende twee jaar een aantal van deze blinde vlekken weg te kunnen werken omdat ik veel nieuwe mensen met een totaal andere achtergrond ga leren kennen. Wat betreft mijzelf ga ik op zoek naar een antwoord op de vraag waar ik als leidinggevende voor sta en wat anderen van mij zouden mogen verwachten. Dit heet de softe kant van een ontwikkelprogramma te zijn, maar ik zie het als de harde kant. Omdat het gaat om je eigen ik, en de confrontatie daarmee kan heel hard zijn.”

Marianne Aalbersberg, hoofd Begrotingszaken, BuZa:
“Ik verwacht door het samenspel met de andere KP-ers meer te leren over hen, over mezelf én over de rijksdienst. Maar bovenal hoop ik over twee jaar vol vertrouwen te kunnen zeggen dat ik zaken gemakkelijker kan loslaten. Dat niet kunnen loslaten zit me momenteel een beetje dwars. Terwijl het toch nodig is om te kunnen doorstromen naar een zwaardere baan. En dat laatste is iets wat ik graag wil.”

Fer Nieuweboer, afdelingshoofd Structuur Financiering en Informatie, SZW:
“Ik ben heel benieuwd naar wat me te wachten staat. Wat dat betreft zou ik zeggen: vol verwachting klopt mijn hart. Waar het gaat om persoonlijke leerdoelen wil ik me graag verder ontwikkelen. Dat doe ik graag samen met gelijkgestemden van wie ik ongetwijfeld nog een hoop kan leren. Mijn meeste aandacht gaat uit naar het vinden van een goede manier om er voor te zorgen dat ik als manager een toegevoegde waarde heb, als schakel tussen enerzijds mijn medewerkers en anderzijds de politiek. Die toegevoegde waarde is namelijk niet vanzelfsprekend.”

Paula Wiegers, programmaleider Antillianenteam, VROM via ABD-Interim:
“Ik heb veel ervaring in de uitvoering en het toezicht, maar heb nog niet zoveel ervaring opgedaan in een politiek bestuurlijke omgeving. Daar hoop ik de komende tijd meer inzicht in te krijgen. Net zoals in de Europese component van het werk. Verder ga ik op zoek naar mijn eigen valkuilen en ontwikkelpunten als manager. Tevens hoop ik de komende periode mijn netwerk verder uit te breiden.”