
Leiderschap
Een stap naar voren
In het SG-overleg (SGO) is er een ambitie die hartgrondig met elkaar wordt gedeeld: integrale oplossingen voor maatschappelijke opgaven, passend bij de behoeften en verwachtingen van inwoners en ondernemers. Die ambitie raakt de hele Rijksoverheid en vraagt iets van ons publiek leiderschap, aldus Gert-Jan Buitendijk (secretaris-generaal bij AZ).
‘Het SGO maakt de beweging naar een Bestuursraad Rijk. Dit betekent dat we inhoudelijk steviger en integraler willen sturen op de grote maatschappelijke opgaven, doorbraken willen realiseren in onze bedrijfsvoering en meer focus willen aanbrengen in onze vakontwikkeling als ambtenaren. Deze drie elementen kwamen dit voorjaar ook terug in de SGO-brief aan het nieuwe kabinet. Daarin was de boodschap onder meer: als het kabinet inzet op eenheid en samenwerking, dan moeten wij die overtuiging ook in onze manier van werken waarmaken.’
Gezamenlijke koers
‘Nog meer dan we al gewend waren, zullen we een houding moeten aannemen waarbij we vanuit langetermijnperspectief op zoek gaan naar integrale oplossingen. Open-minded, op basis van interdepartementale samenwerking en los van departementale belangen. Daar zijn flexibiliteit en bewegingsruimte voor nodig. Dat is ook waar de huidige politieke situatie om vraagt, nu het kabinet constant naar meerderheden moet zoeken om doorbraken te realiseren. Elke uitgestippelde koers zal een gezamenlijke koers moeten zijn – ambtelijk en politiek.’

Gert-Jan Buitendijk, secretaris-generaal bij Algemene Zaken
ㅤ
ㅤ
‘We moeten onszelf steeds weer de vraag stellen: is de optie die nu op tafel ligt de best mogelijke, voor nu en straks?'
Lef en leiderschap
‘De zes ambtelijke taskforces die zijn opgericht om de integrale en oplossingsgerichte samenwerking verder vorm te geven, komen in deze speciale uitgave van het ABD Blad uitvoerig aan bod. Dat geldt ook voor de ontwikkeling van ons ambtelijk vakmanschap. Slagvaardiger, flexibeler, anticiperend, mensgericht: we voegen allemaal zo onze eigen bijvoeglijke naamwoorden toe aan de beweging die nodig is om te voldoen aan de maatschappelijke verwachtingen. Bovenal vraagt deze beweging dat we onszelf steeds weer de vraag stellen: is de optie die nu op tafel ligt de best mogelijke voor de opgave als geheel, voor nu en straks? En dat we van daaruit keuzes maken en duidelijk zijn over wat we wél, maar ook wat we níet doen. Ja, het vergt lef en openheid om dat leiderschap te tonen en een stap naar voren te zetten. Maar er is geen tijd te verliezen. Wij hebben dat leiderschap voor te leven.’