Jij stelt de bedoeling centraal: je wilt werken voor het algemeen belang en je richt je op het realiseren van resultaten. Jouw opgave kan gaan over een maatschappelijke of politieke context, maar ook over de eigen organisatie. Jij past daarom niet alleen bij de functie, maar nadrukkelijk ook bij die opgave – én bij de organisatie en het team.

Een publiek leider herkent zich in de kernwaarden van de ABD

Werken aan de complexe (maatschappelijke) opgaven vraagt om publiek leiders die actief samenwerken en hun leiderschap delen, die weten én aanvoelen wat er in de samenleving speelt, en die intrinsiek gemotiveerd zijn om het goede te doen. Dat zijn de kernwaarden die ten grondslag liggen aan de rijksbrede visie op publiek leiderschap.

  • Gedeeld leiderschap: leiderschap vindt altijd plaats in een context. Het (maatschappelijk) resultaat daarbij vereist interactie met partners en belanghebbenden in netwerken. Daarvoor ga je samenwerking aan en deel je verantwoordelijkheid. Daarbij ben je van elkaar afhankelijk.
  • Responsiviteit: je bent afgestemd op wat in de samenleving gebeurt. Je hebt voelhorens uitstaan en bent nieuwsgierig naar wat er leeft bij en tussen groepen; je weet wat zij van de overheid nodig hebben. Je bejegent burgers en partijen met respect en empathie. Als leider ben je een sturende factor in maatschappelijke veranderingen.
  • Morele motivatie: je beseft dat leiderschap bij de overheid altijd gepaard gaat met spanning tussen uiteenlopende waarden. In dat spanningsveld neem je op basis van zorgvuldige afwegingen beslissingen. Dat vraagt om kennis, oordeelsvermogen, veerkracht en lerend vermogen. Als leider neem je daarbij ook je eigen waarden mee en breng je die in.

Het accent en het zwaartepunt bij deze kernwaarden verschilt per functie.

Een publiek leider kan schakelen tussen verschillende rollen

Je toont leiderschapsgedrag in alle drie de rollen die je als publiek leider vervult.

  • Maatschappelijk partner: als netwerker ken je en werk je samen met externe partners – van maatschappelijke organisaties en uitvoerders tot burgers en ondernemers.
  • Politiek adviseur: als meedenkende en oplossingsgerichte adviseur vertaal je maatschappelijke ontwikkelingen op basis van je kennis naar politiek advies. Waar nodig bied je tegenspraak en toon je lef.
  • Manager in je eigen organisatie: als interne verbinder en vernieuwer creëer je een veilig, maar open en ambitieus klimaat waarin mensen de ruimte én de motivatie voelen om het beste uit zichzelf te halen en samen verder te komen.

Als publiek leider kun je voortdurend schakelen tussen deze verschillende rollen. Het verschilt per functie en situatie bij welke rol het zwaartepunt ligt.

Een publiek leider beschikt over de juiste competenties

Competenties zijn waarneembare kwaliteiten van een persoon die maken dat iemand effectief kan functioneren. De competentieset voor publiek leiders kent 7 kerncompetenties. Een publiek leider kan reflecteren, is bestuurssensitief, omgevingsbewust, toont conceptuele flexibiliteit, werkt vanuit gedeeld leiderschap, kan een organisatie aansturen en is stressbestendig.

Een brede set aan competenties

De competenties raken verschillende gebieden: sociaal-communicatief, intellectueel, taakgericht, emotioneel en bestuurlijk-organisatorisch. Het ligt aan de context, de opdracht van de organisatie, de samenstelling van het team en de aard van de functie welke competenties het zwaarst wegen in een specifieke functie. De competentieset omschrijft daarmee in de breedte wat werken aan (maatschappelijke) opgaven vraagt van een publiek leider. Onderstaande competentieset sluit aan bij het Functiegebouw Rijk.

De 7 kerncompetenties